Toen ik nog jong was: baby’s

Volgens mij zijn baby slimmer dan wij denken, alleen weten ze dat niet. Als ik door de stad lopen er ik me soms dood aan die wagentjes. En dan nu aan wat er in zit maar aan wat er achterloopt.

Meestal zijn het van die bijstandsmoeders die als goed vinden als hun spruit maar niets overkomt. Van die moeders die met zijn wagen door de stad scheuren een je kwaad aankijken als je niet op tijd opzij gaat. Van die moeders die hun kind midden in de Albert Heijn hun kind de borstvoeding gaan staan geven, en dan zo midden in het gangpad zodat er niemand meer langs kan. En soms krijg ik ook de neiging om zo een wagen een trap te geven zodat tegen een piramide van blikjes aanrijdt en er een geweldige teringzooi van maakt. Maar tegenwoordig zullen die dingen ook wel ABS en airbags hebben, met dwarsbalk aan de zijkant en gelagerde spatschermen. Want ja het kan niet veilig genoeg zijn.

En na een half jaar pas een kind niet meer in de wagen en verkoop je die voor weinig door de eerste beste galles megal die je kent.gek he, dat die mensen 20 kinderen hebben dan hoeven ze die wagen niet zo snel te verkopen. En maar zeggen dat wij gierig zijn.

Maar even terug naar Appie. Die moeders staan ook zo leuk tegen zo’n  kind te doen, van koekoek en koetchie koetchie, en daar maken zijn ook van die lies jeukende geluiden bij. En dan zeggen ze: “als ik dat doe dan lacht hij”. Ja nogal logisch, dat zou ik ook doen als er zo een kop boven wagentje verschijnt. Die baby denk heus niet van Goh zij doet een mongool na dus ga ik lachen. Nee, weet je wat die baby denkt, die denkt wat er afgetrokken kop zeggen wat een gnoom. Misschien als ik er tegen lach laat het mij met rust en gaat het weg. En dan loopt zo’n moeder weg en dan jankt dat kind. Van blijdschap ja, en dan schijt hij de hele boel onder. Ja nogal logisch, ik zou ook alle kleuren van de regenboog schijten als ik in de ogen van een monster heb gekeken en het heb overleefd.

En nu we het toch over baby’s hebben moeten denken aan een stuk van Harry jekkers. Die sprak over de bevruchting. Dat tijdens de bevruchting het sterkste zaadje het wint van 300 miljoen andere zaadjes. Maar als ik om me heen kijk in de wereld, is het net of de sterkste zaadjes op een Gooise  matras zijn blijven liggen. Die laten het vuile werk door minder bedeelde zaadjes opknappen, en als ik dan eens goed om mij heen kijk zou ik dat als sterkste zaadje ook doen. Want wie wil er nou in de wereld met alleen maar gekken, gnomen, mongolen, pyromanen, kleptomanen, drugsdealers, verslaafden en bijstandsmoeders leven, ik niet hoor. Het leukste van baby’s vind ik dat nog moeten wisselen. Zolang ze nog kunnen wisselen kun je ze zo af eens toe een vledder geven, het maakt immers toch niet uit.

Nee even geen grapjes baby’s hartstikke leuk, alleen mij mogen ze niet zo heb ik het idee. En waarom niet, omdat ik niet zelf ga overgeven aan het gezwam van die bijstandsmoeders, dus koetchie koetchie en koekoek zit er bij mij niet in. Ik heb ze dan nog niet, maar als ze komen heb ik een verzoek aan mijn zaadjes. Sterker maar zindelijke zaadjes als eerste over de finish.

Leave a comment

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.